De univocaal — theorie en voorbeeld
Een univocaal (ook wel monovocaal) is een tekst waarin slechts één klinker mag voorkomen. Alle andere klinkers zijn verboden — ook in het midden van een woord, ook in leenwoorden, ook in eigennamen. De taal moet zich schikken naar de klank, en niet andersom.
De vorm komt voort uit de Oulipo-traditie. In het Nederlands brak de vorm door via Battus (Opperlandse Taal- en Letterkunde, 1981). De univocaal is de spiegelbeeldige neef van het lipogram: waar een lipogram één letter verbiedt, verbiedt de univocaal alle klinkers behalve één.
Wat telt als overtreding?
Elke klinker die niet de gekozen klinker is, op welke positie ook. Bij gekozen klinker i zijn a, e, o, u verboden — ook in woorden als zijn (overtreding: a), het (overtreding: e).
Diftongen
In de standaard-instelling is een diftong toegestaan als hij uitsluitend de gekozen klinker bevat: bij e-univocaal mag ei en ee, maar niet ai of ou. Bij strenge instelling worden alle diftongen met een andere klinker verboden, ook als de gekozen klinker er ook in zit.
Voorbeeldregels per klinker
| Klinker | Fragment (demonstratiemateriaal) |
|---|---|
| a | Varkas dat nat van nat was, waar watervlak aan stand raak was. |
| e | Her, even de zee — het best-gekende ree verbergt geheimen, even ver en ver. |
| i | Inktzwit spit dit in zijn vlicht, dit wildzwijn glijdt in zijn wijk. |
| o | Onwoon boort rot door grond vol rood, nog noot zong zo, zo vol, zo groot. |
| u | Tutulu, rukt uw huls stuk, flux gust, duurt, klut runs lust op. |
Historische noot
Een vroeg Latijns voorbeeld is De pugna Davidis et Goliae door Petrus de Riga (12e eeuw) — uitsluitend met de klinker a. Publiek domein.
Kies je klinker
Woordenschat — woorden met uitsluitend één klinker
Kies eerst een klinker om woorden te zien.